Mijn zusje, de seriemoordenaar – Oyinkan Braithwaite

Mijn zusje, de seriemoordenaar – Oyinkan Braithwaite


Toen ik het persbericht over dit boek ontving wist ik niet zo goed wat ik er van moest denken. “Mijn zusje, de seriemoordenaar”? De titel klonk een beetje te sensationeel voor mij. Geen idee waarom, maar bij het zien van een cover en een titel heb je nou eenmaal vaak onbewust meteen een vooroordeel. Verschillende nieuwsbronnen (denk aan The New York Times), waren echter lovend over dit boek, wat me toch wel erg nieuwsgierig maakte naar het verhaal…

“Koredes zusje Ayoola is in alles het tegenovergestelde van wat zij is: ze is het favoriete kind, bloedmooi, neemt het leven niet al te serieus – en is een seriemoordenaar. Geen man overleeft een relatie met haar. Zussen ben je echter voor het leven, dus Korede helpt haar keer op keer. Wanneer de knappe arts in het ziekenhuis waar Korede werkt, op wie ze heimelijk verliefd is, ook voor Ayoola’s charmes bezwijkt, staat Korede echter voor een gruwelijk dilemma: kiest ze voor haar zusje, of voor zichzelf?”

De eerste paar hoofdstukken van het boek wist ik niet zo goed wat ik er van moest vinden (was mijn vooroordeel toch juist geweest?), want er was in het boek eigenlijk geen enkel personage te vinden die ik nou écht sympathiek vond, waar ik mee meeleefde of waar ik me mee kon identificeren. Wat dat betreft vond ik het vrij oppervlakkig blijven en dat zorgde er ook voor dat ik er in het begin maar moeilijk in kwam. Dat veranderde gelukkig vrij snel en aan het eind van het verhaal begreep ik de lovende recensies beter. In de tweede helft van het boek begon ik een beetje sympathie te krijgen voor de zussen en werd het (voor mij) duidelijk waar de schrijfster met dit boek heen wilde. En toen werd het ook gelijk spannender en interessanter!

“Mijn zusje, de seriemoordenaar” van Oyinkan Braithwaite is een pageturner en, wat mij betreft, gelaagder dan je op het eerste gezicht zou denken. Brathwaite schrijft met humor en in plaats van een drama (zoals je van de titel misschien zou verwachten), kun je dit boek daarom beter een “zwarte komedie” noemen. Met een nóg donkerder randje dan verwacht, dat dan wel. Een mooie vrouw zijn komt in deze wereld helaas met een prijs. Mijn zusje, de seriemoordenaar past daarmee mooi in het rijtje van de hedendaagse feministische literatuur. De filmrechten van dit boek zijn inmiddels verkocht en ik ben heel benieuwd wat ze er van gaan maken!

Ik wil nog wel meer over dit boek schrijven, maar wil tegelijkertijd het plot niet verklappen. Ik houd het hier dus even bij.

Wel lezen als: je houdt van een pageturner, je houdt van wat macabere humor, je geïnteresseerd bent in vrouwenrechten, je meer wilt lezen van Nigeriaanse schrijfsters (zoals mijn favoriet Chimamanda Ngozi Adichie 🙂 ).

Niet lezen als: je het moeilijk vindt om over huiselijk geweld of geweld tegen vrouwen te lezen.

Het boek ligt nu in de winkels en koop je voor €19,99.

Dit boek ontving ik als recensie-exemplaar van Uitgeverij Pluim. Dit heeft mijn recensie niet beïnvloed.

Notes on a Nervous Planet – Matt Haig

Notes on a Nervous Planet – Matt Haig

Vorig jaar op vakantie in Groot Brittannie vond ik Matt’s eerst non-fictie boek, Reasons To Stay Alive, in een charity shop. Het bleek een van de beste aankopen te zijn van de vakantie, want het leek wel alsof Matt in mijn hoofd had gekeken toen hij dat boek schreef. Zo knap, vind ik dat, wanneer iemand zo goed zijn of haar gevoelens kan verwoorden zonder in clichés te vervallen. Toen ik zag dat hij een nieuw boek had geschreven, een soort vervolg op Reasons To Stay Alive, heb ik het daarom gelijk besteld. Vorige week kwam het eindelijk binnen!


Matt Haig is een Britse schrijver met inmiddels aardig wat boeken op zijn naam. Dit ook tot zijn eigen grote verbazing, want hij heeft heel lang gedacht dat er niets van hem terecht zou komen. Op zijn 24e kreeg hij last van paniekaanvallen en werd hij gediagnosticeerd met een depressie en angst- en paniekstoornis. In zijn eerste boek, Reasons To Stay Alive, beschrijft hij dit proces gegaan is en hoe hij daar uit is gekomen. Notes on a Nervous Planet is een soort vervolg het eerste boek, waarin Matt nieuwe inzichten deelt die hij inmiddels heeft opgedaan met betrekking tot het leven in onze gejaagde wereld.

“The societies we are part of are increasingly making our minds ill. It very often feels that the way we live is almost engineered to make us unhappy. Whether it is our attitudes toward sleep, the marketing messages that inundate us daily, the constant and hysterical news cycle, social media or even the way we educate our children, we are programming ourselves to put our bodies and minds at odds and setting ourselves up with expectations for our lives that prevent our happiness.”

Net zoals het eerste deel is Notes on a Nervous Planet niet écht een zelfhulpboek. Het is meer een overpeinzing en opsomming van gedachten, met tips die voor Matt zelf hebben gewerkt.  Naast “volwaardige” hoofdstukken zijn er pagina’s met korte teksten, citaten of lijstjes. Deze afwisseling maakt het boek luchtig (ondanks het zware onderwerp) en het zorgt er voor dat het lekker wegleest. Langzaam analyseert hij onze huidige moderne wereld en wat dat betekent voor de gemiddelde mens. Maar ook voor de mens die al wat angstiger is of misschien zelfs met een depressie kampt. Hoe ga je daar mee om?

Helaas heeft Matt ook geen sluitend antwoord (was het maar zo!), maar dit boek biedt in ieder geval genoeg inspiratie om er mee bezig te blijven. Om voor jezelf te blijven zorgen en naar de mooie dingen te kijken in de wereld. Dat maakt het een fijn en inspirerend boek voor tijdens je vakantie, of als je weer even een dosis positiviteit nodig hebt.

Of ik het boek net zo goed vind als Reasons To Stay Alive? Daar ben ik nog niet helemaal over uit, maar ik kan wel zeggen dat ik erg blij ben dat ik het gelezen heb! Matt zijn schrijfstijl spreekt me heel erg aan en bovendien is het altijd fijn om iets te lezen waar je jezelf in herkent.

Heb je het ook gelezen? En wat vond jij er van?

Liefs!

(Het boek is voor nu alleen nog te krijgen in Hardback en in het Engels. Ik betaalde rond de 19 euro.)

Half of Yellow Sun – Chimamanda Ngozi Adichie

Half of Yellow Sun – Chimamanda Ngozi Adichie


Een fijne bijkomstigheid van het hebben van een boekenblog is dat vriendinnen nu nog vaker vragen of ik een boekentip heb. Heerlijk! Het is een beetje alsof ik en public voor een verslaving ben uitgekomen en mensen nu opeens denken: hey, daar moeten we dus zijn voor een boekentip. Daarvóór was ik ook al zo’n type die je de hele tijd overspoelde met tips (heb je dit al gezien? en dit al gelezen? HET IS FANTASTISCH), maar het voelt alsof ik nu cred heb gekregen. Opeens ben ik een autoriteit! Kan het aanraden hoor, gewoon een blog beginnen en doen alsof je weet waar je het over hebt.

Een boek dat ik nu aan iedereen tip is ‘Half of a Yellow Sun’ van Chimamanda Ngozi Adichie – ik heb het inmiddels zelfs zo vaak getipt dat ik eindelijk haar naam kan zeggen zonder ‘ehm ja eh, Chimananda nogwattes, je weet wel’ te moeten zeggen. Nu is het natuurlijk niet zo dat ik opeens heel veel verstand heb van boeken sinds het beginnen van wittybooks, maar geloof me als ik zeg dat dit een boek is dat je absoluut gelezen moet hebben. Toen ik het boek dichtsloeg wist ik even niet wat ik er mee aan moest. Ik wilde helemaal geen afscheid nemen van de personages en tegelijkertijd was ik opgelucht. Ik kon weer even rustig ademhalen.

Half Of A Yellow Sun gaat vooral over de verschrikkelijke Nigeriaanse burgeroorlog van de jaren zestig, waarbij een deel van het land werd uitgeroepen tot een Onafhankelijke Republiek (Biafra) en het andere deel van Nigeria het land bij elkaar wilde houden. Het is nog veel ingewikkelder, maar daarvoor verwijs ik je naar het wondere wereld wijde web, want ik ben geen expert op dat gebied. In dit boek volgen we drie personen en zien we hoe deze oorlog hun en hun naasten beïnvloed. Ugwu, een “houseboy” in dienst bij een professor. Olanna, de vriendin van de professor en tevens de dochter van een rijke Nigeriaanse zakenman, en Richard, een Engelsman die naar Nigeria komt om een boek te schrijven over Igbo-Ukwu kunst.

Voorzover klinkt het misschien nog niet echt als een leuke leestip (snap ik), maar Chimamanda heeft een gave om je al op de eerste pagina te boeien. Dat vond ik al in Americanah, maar ook zeker in Half of a Yellow Sun. Ze zorgt er voor dat er dat die oorlog meer wordt dan alleen een bak met ellende dat wordt uitgestort over de personages. Ellendig is het natuurlijk wel, laat daar geen twijfel over bestaan. Alle personages moeten vluchten voor hun leven en keuzes maken die ze zich van te voren nooit hadden kunnen voorstellen.

Nog een stukje van goodreads, omdat ik het zelf niet mooier kan verwoorden:

Epic, ambitious, and triumphantly realized, Half of a Yellow Sun is a remarkable novel about moral responsibility, about the end of colonialism, about ethnic allegiances, about class and race—and the ways in which love can complicate them all. Adichie brilliantly evokes the promise and the devastating disappointments that marked this time and place, bringing us one of the most powerful, dramatic, and intensely emotional pictures of modern Africa that we have ever had.

Dus, als je nu aan mij vraagt: wat moet ik deze zomer lezen? Dan is het dit boek.

(En als je misschien denkt: Ash, waarom zit hier nou geen mooie nieuwe foto bij? Wat ben je nou voor boekenblogger? Case in point: ik heb het boek uitgeleend, dus dat werd lastig.)

Annemerel de Jongh: “Het was van mij echt een droom om ooit een boek te mogen schrijven”

Annemerel de Jongh: “Het was van mij echt een droom om ooit een boek te mogen schrijven”

Annemerel de Jongh (1989) is, en hardloopfanate en inmiddels doorgewinterd publicist. Ze blogt al ruim 15 jaar op haar persoonlijke blog annemerel.com, schrijft voor diverse mediaplatforms (zowel online als offline), vlogt op haar youtubekanaal en heeft daarnaast twee boeken op haar naam staan. Beide boeken zijn hardloopgidsen: Live, Love, Run (2016) en Ik heb geen zin (2017). Het leek mij leuk om haar te vragen naar hoe dit proces precies gegaan is. Hoe kwam ze op het idee om een boek te gaan schrijven, hoe heeft ze het aangepakt en hoe vond ze het schrijfproces gaan? En, heeft ze nog meer boekenplannen? Begin vorige week kwam ze naar Den Helder voor een fotoshoot (o.a., want er moest ook even bijgekletst worden natuurlijk) en via de mail stuurde ik haar een lijstje met tien vragen!

1. Hoe kwam je op het idee om een boek te schrijven? Ben je hiervoor benaderd of heb je zelf contact gezocht met de uitgever?

Het was van mij echt een droom om ooit een boek te mogen schrijven. Als vierjarige schreef ik al boekjes met de paar woorden die ik kende, de bibliotheek was mijn favoriete uitje en vroeger wilde ik Francine Oomen worden (auteur van mijn favoriete serie, de ‘Hoe Overleef Ik’ boekenserie). Toen bloggers om me heen boeken begonnen te schrijven dacht ik af en toe wel, hoe cool zou het zijn als ik dit ook zou kunnen doen? Ik ben vaak aan een boek begonnen, maar had toch nooit de tijd en discipline om het in mijn eentje af te maken. Toen in maart 2015 twee uitgeverijen me benaderden om een boek te maken had ik het idee dat ik droomde. Ik ging met beiden in gesprek en besloot uiteindelijk voor A.W. Bruna te kiezen, omdat zij graag een hardloopboek zouden zien en ik dat ook graag wilde maken.

2. Het thema van je boeken tot nu toe (hardlopen) ligt misschien voor de hand, omdat je er ook al jaren over blogt, maar is dit in het begin nog anders geweest? Heb je nog andere ideeën gepitcht?

De andere uitgeverij wilde in eerste instantie een meer lifestyle boek maken. Dit wilde ik in eerste instantie ook met A.W. Bruna doen, maar na het tweede gesprek concludeerden we eigenlijk al dat er zoveel lifestyle boeken waren en dat er juist nog niet zoveel over hardlopen geschreven was. Ik zag ook steeds meer mogelijkheden met hardlopen en dat idee vond ik al snel leuker dan het lifestyle boek idee.


3. Hoe begin je met schrijven?

Op Koningsdag 2015. Ik had het al weken uitgesteld en had geen plannen voor Koningsdag, dus besloot met Aperol Spritz op de bank maar gewoon te beginnen. Ik schreef die dag het laatste hoofdstuk van Live, Love, Run. 4000 woorden. In een keer eruit. Dat voelde zo ontzettend goed. Ik herinner me nog dat ik ‘s avonds vol adrenaline een mega snelle 5 kilometer liep door de duinen om het te vieren.

4. Wat vond je het lastigst aan het hele schrijfproces?

Beginnen. In mijn hoofd zit het vol met ideeën, maar daadwerkelijk gaan zitten, mijn telefoon weg te leggen en serieus te schrijven, dat is een ding dat ik soms lastig vind. Maar als de eerste zin op papier staat gaat het eigenlijk als vanzelf. Wat ik ook lastig vind is aantekeningen van mijn redacteur lezen en deze verwerken in het boek. Vooral bij mijn eerste boek had ik hier moeite mee, was ik nog erg onzeker. Ik was bang dat het niet goed genoeg zou zijn en dat dat in die notities van mijn redacteur zou staan. Ik vond het dan ook erg moeilijk om mijn stukken op te sturen zodra ze klaar waren. Ik merk wel echt dat ik daar steeds makkelijker in word. Ik heb nu zoiets van, ja, jullie weten hoe ik schrijf, als jullie het niet goed vinden, dan hadden jullie vast niet gevraagd om een derde boek met me te maken.

5. Hoeveel invloed had je op de vormgeving van je boeken? Mocht je bijvoorbeeld zelf de covers uitkiezen?

Gelukkig laten ze me daar bij A.W. Bruna heel vrij in. Natuurlijk geven ze suggesties, maar ik bepaal uiteindelijk de foto die gebruikt wordt. Het lettertype, het formaat, het papier, overal word ik bij betrokken. Bij mijn vorige boek werden de foto’s zwart/wit. Dat vond ik in het begin wel lastig, maar ik was degene die perse wilde dat het boek niet duurde werd dan €17,50, dus heb me uiteindelijk toch bij zwart/wit neer moeten leggen. En ik sta 100% achter het resultaat. Mede doordat we een steunkleur hebben gebruikt is het naar mijn mening alles behalve saai geworden.

6. Heb je een tip voor iemand die zelf ook een non-fictie boek wil schrijven?

Kom met een goed idee. Ik heb het ‘geluk’ dat ik al sinds 2003 blog en daardoor mezelf een beetje ‘bekend’ gemaakt heb waardoor uitgeverijen mij benaderd hebben, maar jij kunt een uitgeverij ook altijd met een goed idee benaderen. Maar dan moet het wel echt een goed idee zijn en het boek moet niet al in de winkel liggen. En lukt het niet meteen om een uitgeverij te vinden, of is een non-fictie boek meer een lange termijn idee, begin dan een blog. Doordat ik al vijftien jaar bijna iedere dag schrijf is schrijven voor mij een tweede natuur geworden, waardoor het me heel makkelijk afgaat. Ook heb ik hierdoor mijn eigen schrijfstijl ontwikkeld, wat ook helpt identiteit aan je boek te geven. Ik schrijf geen Proust, ik ben eerder van de Jip & Janneke-taal, maar de woorden stromen wel vaak mijn vingers uit zonder dat ik er al te veel moeite voor hoef te doen.

7. Zou je ooit fictie willen schrijven?

Dat lijkt me heel leuk, maar ik weet niet of ik daar genoeg fantasie voor heb. En talent. Ik ben goed in schrijven over dingen waar ik veel mee bezig ben, dingen die dicht bij mezelf liggen. En ik wil (op dit moment) geen semi-autobiografisch fictie boek schrijven. Wie weet, ooit. Maar ik twijfel of daar mijn ‘talent’ ligt. Misschien komt dat met levenservaring, misschien komt het nooit, misschien moet ik het ooit eens proberen.

8. Word je er daar nou rijk van, een boek schrijven?

Hahahahaha nope. Allebei mijn boeken hebben in de bestseller 60 gestaan en zitten in hun tweede druk, dus slecht hebben ze het zeker niet gedaan, maar van het geld dat het boek direct opbrengt zou ik denk ik nog geen twee maanden kunnen leven. Waarom ik het dan toch doe? Omdat het iets magisch heeft om je eigen boek in handen te hebben. En omdat het me meer naamsbekendheid geeft (wat uiteindelijk weer meer geld oplevert).

9. Is er nog een ander onderwerp (afgezien van hardlopen) waar je heeeeeeel graag over zou willen schrijven?

Eigenlijk niet. Mensen vragen weleens waarom ik geen boek over wintersporten ga schrijven, maar ik kan me daar nog heel weinig bij voorstellen. Ooit wil ik misschien nog wel een keer dat lifestyle boek maken waar ik in 2015 over nadacht, maar ik vind dat ik daar nog niet genoeg levenservaring voor heb.

10. Je hebt inmiddels laten weten dat je aan een derde boek bezig bent.  Kun je daar al IETS over loslaten?

Ik kan er nog niet heel veel over vertellen, maar het gaat in ieder geval weer over hardlopen. Bij mijn eerste boek vroegen mensen zich al af hoe je in vredesnaam een boek compleet over hardlopen kon vullen, nu ga ik gewoon een derde boek maken. En het wordt weer iets totaal anders. Ik moet hiervoor ver uit mijn comfortzone en dat vind ik mega spannend, maar ik heb er ook super veel zin in. Eind mei ga ik hier meer over vertellen.

Ok, ik weet stiekem al waar ze over gaat schrijven en ik vind het echt een heel gaaf idee! Ik denk dat het voor iedereen die in sporten of hardlopen geïnteresseerd is (of natuurlijk in Annemerel) een must-read gaat worden. Ik zou zeggen: houd de komende tijd haar blog of instagram in de gaten als je meer wilt weten.

Dankjewel Annemerel voor het beantwoorden van mijn vragen! :)

Liefs,
Ash

Dit artikel verscheen eerder op wittybooks.nl

‘Dit is geen normaal zelfhulpboek’

‘Dit is geen normaal zelfhulpboek’


Als we allemaal een euro zouden krijgen wanneer er in een zelfhulpboek staat dat “dit geen normaal zelfhulpboek is, want daar houd de auteur niet zo van”, dan zouden we inmiddels aardig wat avocado’s op toast kunnen kopen. Om nog maar niet te spreken over alle “stoere” titels die de zelfhulpboeken tegenwoordig moeten hebben. Zit er een “beetje stout” woord in, waar soms zelfs een sterretje ter censuur voor nodig is? Check! Bestaat de cover uit een grote schreeuwerige titel, zonder afbeelding? Check! Belooft het gouden bergen? Check! Niet erg natuurlijk, ik snap dat het verkoopt, want het klinkt best wel aantrekkelijk om eindelijk ergens geen f*ck meer om te geven of om een badass te zijn. Toch moeten we ons zelf niet voor de gek houden: dit zijn wél zelfhulpboeken. En waarom zouden we doen alsof dat niet zo was? Er is toch helemaal niets mis mee om wat over jezelf te willen leren?

Ok, even serieus. Ik begrijp uiteraard dat dit een marketingtool is om de boeken bij het grote publiek aan de man te brengen en daar vind ik helemaal niets mis mee. Als het iemand overhaalt om toch eens zo’n boek te lezen en het boek vervolgens een positieve invloed heeft, dan is dat natuurlijk fantastisch. De kwaliteit van de boeken vind ik echter vaak nogal uiteen lopen. Bij veel van dit soort boeken denk ik: ok, dit had (voor mij) ook in één a4tje gekund. (“Sparken” deze sokken nog  “joy”?).

Vandaag bespreek ik drie van dit soort zelfhulpboeken (ja, sorry hoor, auteurs, maar dat zijn het gewoon), waarvan de één wat beter is dan de ander.

Jij bent een badass – Jen Sincero

‘Met alle wildgroei aan inspirerende zelfhulpboeken is het Jen Sincero gelukt om een verfrissend, goudeerlijk boek te schrijven waarin ze je met hilarische en inspirerende verhalen levensveranderende inzichten geeft. In hoofdstukken als

‘Je brein is je bitch’, ‘Angst is voor losers’ en ‘Het was de schuld van mijn onderbewustzijn’ neemt Sincero je mee op een transformerende tour. Ze laat je zien hoe je je financiën, relaties en carrière een boost geeft en eigenlijk alle geweldige dingen kunt krijgen waar je naar verlangt.’
Bron: Goodreads.com

Dit boek staat vol met oneliners en adviezen die vooral van pas komen als je al best prima in je vel zit. Ik weet nog dat ik dit boek voor het eerst las toen ik net aan het begin van mijn burn-out stond en ik lichtelijk hysterisch werd toen ik het las. “Ik doe nog veel meer niet goed dan ik al dacht!” Ik heb het toen na twee hoofdstukken weggelegd, want ik voelde me er alleen maar ellendiger door. Niet zozeer de schuld van het boek natuurlijk, dat had veel meer te maken met hoe ik me op dat moment voelde. Maar ik vertel het toch, want mocht jij in hetzelfde schuitje zitten, dan raad ik je aan om nog even met dit boek te wachten.

Jen Sincero hanteert in dit boek de tough love methode. Er is een hoofdstuk dat heet “Angst is voor losers” en dat geeft voor mij wel een beetje de toon van dit boek weer. Er staan heel veel goede adviezen in en het is heel duidelijk geschreven, maar ik denk dat je er wel een beetje tegen moet kunnen. Deze methode werkt niet voor iedereen. Mijn advies: pak het eens op en lees de inleiding, dan weet je al snel of het je aanspreekt of niet.

De Edele kunst van Not Giving A F*ck – Mark Manson

Van populair weblog naar New York Times-bestseller is dit hét boek voor zelfhulphaters! Stop met altijd maar positief zijn, en leer in plaats daarvan om te gaan met je tekortkomingen en de tegenslagen in het leven. Zodra je niet meer wegrent voor je angsten, fouten en onzekerheden maar de pijnlijke waarheid onder ogen durft te zien, vind je de moed en het zelfvertrouwen waar je in deze tijd zo’n behoefte aan hebt. Mark Manson geeft je de tools om te kiezen waar jij om geeft, en dus ook waar je niet om geeft. Dat idee omarmen werkt bevrijdend. Humoristisch en vol goede grappen, maar bovenal ondersteund door wetenschappelijk onderzoek.’
Bron: Goodreads.com

Ok, ik ga het alvast verklappen: dit vond ik de beste van de drie die ik hier bespreek. Mark Manson schrijft op een verhalende en tegelijkertijd informatieve manier over zijn levenswijze en hoe hij daarin omgaat met tegenslagen. Het is dus niet zozeer geschreven als een handleiding, maar meer als een overpeinzing, met hier en daar een tip of wat feiten waardoor je anders tegen dingen aan gaat kijken. Wanneer hij schrijft over positief denken illustreert hij aan de hand van voorbeelden wat voor verschillende uitwerkingen dit kan hebben op iemands leven.

Hij heeft me echt doen nadenken over hoe ik zelf over mijn leven nadenk en hoe sommige gedachten mij daar in tegenhouden. Éen van de belangrijkste lessen van dit boek vind ik dat pijn, verdriet, angst en tegenslagen nu eenmaal bij het leven horen. Daar heb je niet altijd controle over en nee, het is ook niet altijd je eigen schuld (vaak niet zelfs). Het leven is maakbaar, maar tot op zekere hoogte en bovendien: tegen welke kosten? Als je dit leest zul je nu misschien denken: “Ja, Ash, dat wist ik allemaal allang hoor, dat is toch logisch?”. Nouja, dat wist ik natuurlijk ook allemaal wel, maar Mark Manson zet het nog eens op een heldere en fijne manier op een rijtje. Zelf worstel ik wel eens met ontdekken wat ik nou écht zelf wil of waarvan ik vind dat ik het zou moeten willen (ja, snap je ‘m nog?). Dit boek heeft me daar weer een beetje bij geholpen.

De Edele kunst van Not Giving A F*ck leest echt lekker weg. Ideaal voor een middagje selfhelp!

Get Your Sh*t Together – Sarah Knight

‘Get your sh*t together van Sarah Knight gaat over uitvinden waar je wel f*cks om wil geven, de kracht van negatief denken, minder uitgeven en meer besparen, je angsten managen, tools om je sh*t op orde te krijgen, een einde aan de bullshitcyclus maken, vermijdingsgedrag voorkomen en megaveel andere goeie sh*t. Een krachtige, grappig geschreven, nuttige gids om eindelijk je doelen te bereiken door te focussen op waar je echt om geeft.’
Bron: Goodreads.com

Als ik eerlijk ben vond ik dit nou zo’n boek waarvan ik denk: dit had ook best wat korter gekund. Achteraf gezien denk ik dat ik andere verwachtingen had van dit boek en dat je dit er meer als naslagwerk bij moet pakken. Get Your Sh*t Together is het boek voor jou als je worstelt met bepaalde zaken in je leven, zoals je financiën, efficiënt werken of het waarmaken van je droom (ja, heb je ‘m weer- ben ik nou de enige zonder vastomlijnde DROOM? Haha). Het boek is duidelijk ingedeeld op de verschillende “aandachtsgebieden” en Sarah Knight biedt voor alles een stappenplan. Handig als je niet weet wat je met die volle inbox aanmoet. Ik heb niet echt baanbrekende tips gelezen, maar soms is het al genoeg om alles even duidelijk op een rijtje te hebben.

Lees jij veel zelfhulpboeken? En zou je dat in het openbaar doen, of vind je dat toch nog een beetje ongemakkelijk? Als jij nog tips hebt voor een fijn zelfhulpboek, dan houd ik me aanbevolen! :)

Liefs,
Ash

Contact – Carl Sagan

Contact – Carl Sagan


Een paar weken geleden heb ik eindelijk het boek gelezen van één van mijn favoriete films: Contact. De film zag ik voor het eerst toen ik een jaar of elf was en het was voor mij niet alleen de perfecte combinatie tussen “alles met de kosmos” (daar had ik destijds een beetje een obsessie voor) en het “hoe zit de wereld in elkaar” vraagstuk, maar het bleek vooral ook nét dat ene zetje dat ik nodig had om in te zien dat vrouwen wel degelijk heel slim konden en móchten zijn. Ik werd in die tijd namelijk nogal vaak een wijsneus genoemd (was ik ook, maar goed, welk meisje is dat niet op die leeftijd).

Je kunt dus vast begrijpen dat dit verhaal een speciaal plekje in mijn hart heeft. Best spannend, om dan het boek te gaan lezen. Van tevoren had ik me al een beetje voorbereid op de verschillen tussen de film en het boek, maar dat er zoveel grote verschillen bleken te zijn had ik echt niet verwacht. Is dat een minpunt? Of pluspunt? Moet je dit boek überhaupt wel lezen? Ik vertel het je!

Het verhaal:

Ellie, een astronome geobsedeerd met SETI (search for extra-terrastrial intelligence), speurt al jaren het heelal af naar een buitenaards signaal. Andere wetenschappers verklaren haar en haar collega’s voor gek en beschuldigen hen van het verspillen van kostbaar wetenschapsgeld (en telescooptijd), maar daar komen ze van terug wanneer er daadwerkelijk een signaal wordt ontvangen. Het signaal lijkt uit de buurt te komen van de ster “Vega” en blijkt na de ontcijfering een handleiding te zijn voor het bouwen van een machine. De wereld reageert hier wisselend op: moeten ze deze machine wel gaan bouwen? Wie of wat zit er achter deze boodschap?

Het boek is in 1985 geschreven door Carl Sagan, een gerenommeerde astronoom, die onder het grote publiek voornamelijk bekend is vanwege zijn documentaire Cosmos (op Netflix vind je trouwens de nieuwere versie van deze documentaire, gepresenteerd door Neil Degrasse Tyson- zeker een aanrader). Dat Sagan zelf wetenschapper is wordt al snel duidelijk wanneer je het boek leest, want hij houdt er van om af en toe uit te wijden over de verschillende wetenschappelijke onderwerpen die hij aankaart. Stiekem was ik daar wel blij om, want ik heb nooit zo goed opgelet bij natuurkunde. Bovendien waren die passages geschreven op een hele duidelijke en laagdrempelige manier, en dat hielp ook echt wel bij mijn begrip van het verhaal (de wetenschappelijke kant dus).

Zoals ik in de inleiding van dit stuk al schreef bleken er veel verschillen te zijn tussen het boek en de film. Dit zijn kleine verschillen, zoals het uiterlijk van Ellie, maar ook hele grote, waarbij er in de film hele personages niet voorkomen of andere personages juist een veel grotere rol hebben gekregen. Ik ga ze niet allemaal opnoemen, maar wel wilde ik op een rijtje zetten wat ik éxtra goed vond aan het boek ten opzichte van de film. (kleine spoilers, maar niet al te erg)

☆ Seksisme in de wetenschapswereld komt in het boek nog veel duidelijker naar voren dan in de film. Of Sagan een feminist was weet ik natuurlijk niet, maar hij laat Ellie meerdere keren in aanraking komen met seksisme en maakt tegelijkertijd duidelijk dat hij dat volkomen onterecht vindt. O ja, en de president van de Verenigde Staten is de wereld van Sagan een vrouw! Klein detail misschien, maar dat vond ik fijn.

☆ Het boek is geschreven in 1985, nog vóór de val van De Muur en de ondergang van de Sovjet Unie, en het verhaal speelt zich af rond het millennium. Sagan kon in 1985 uiteraard nog niet weten dat dit tegen die tijd allemaal gebeurd zou zijn. De Koude Oorlog is in dit boek daarom een belangrijke factor, zeker wanneer het ontvangst van het signaal en de ontcijfering ervan een soort nieuwe wapenwedloop ontketent. Ik vond het zelf heel interessant om meer te lezen (en na te denken) over hoe de wereld zou reageren op zo’n buitenaards signaal.

☆ In het boek is sowieso meer ruimte voor de toekomstvisie van Sagan en hoewel hij er met sommige dingen dus naast zit (nogmaals: dit is geen aanklacht, maar onvermijdelijk), heeft hij ook genoeg “suggesties” die niet door de toekomst zijn ingehaald en zijn ontkracht. Het ruimtestation waar alleen de rijke mensen naartoe kunnen gaan om langer te leven klinkt (helaas) niet eens zo vergezocht.

☆ Religie komt wel voorbij in de film, maar in het boek hebben de personages daadwerkelijk diepgaande discussies over de implicaties van het signaal voor “het geloof” en andersom. In de film is er Palmer Joss (Matthew Mcconaughey) die af en toe een vraagteken zet bij Ellie’s pragmatisme en “geloof” in de wetenschap, en er zijn de religieuze fanatici, maar in het boek gaat dit dus nog veel dieper en is het allemaal iets genuanceerder.

In de volgende paragraaf ga ik het hebben over de verschillen in het plot van zowel het boek als de film, dus mocht je daar niets over willen weten, lees dan pas verder na de spoiler tag! (na de volgende foto)

[spoilers] Het plot van de film verschilt ook enigszins van het boek. In het boek gaan er uiteindelijk vijf mensen mee in de machine en delen ze dus allemaal die ervaring met Ellie. Na afloop van de reis worden zij allen gedwongen hun mond te houden over wat ze hebben gezien. In de film neemt Ellie in haar eentje plaats in de machine en niemand gelooft haar wanneer ze vertelt wat zij heeft meegemaakt tijdens haar ruimtereis. Ze geloven zelfs niet dat ze is weggeweest (al vragen twee medewerkers zich achteraf wel af waarom de camera ruim 30 uur aan materiaal heeft opgenomen). De enige die haar lijkt te geloven is Joss Palmer, de man die er al die tijd bij Ellie op heeft aangedrongen om ook in dingen te geloven die niet alleen wetenschappelijk te bewijzen zijn.

In het boek ontdekt Ellie bij terugkomst, samen met de andere astronauten, dat er een buitenaardse boodschap verstopt zit in een wiskundig getal. Sagan laat haar dus niet alleen ontdekken dat er buitenaards leven is, maar ook dat dit leven intelligent is. De film stopt eerder en lijkt vooral de boodschap te willen overbrengen dat het allemaal om “persoonlijk geloof” gaat. Voor Ellie is het uiteindelijk niet belangrijk dat ánderen haar geloven, maar dat zij zélf gelooft dat zij daadwerkelijk de reis naar Vega heeft gemaakt. [/spoilers]


Goed, nu ik alle verschillen heb besproken is het natuurlijk ook nog wel belangrijk om te weten of ik het leuk vond om het boek te lezen. Ja, dat vond ik! Sagan was tijdens het schrijven van Contact geen geoefend romanschrijver en ik vind dat je dat terug ziet in de personages, die soms wat geknutseld aan voelen, maar al met al is het een heel interessant verhaal. Tijdens het lezen blijf je benieuwd naar een ontknoping (die uiteindelijk komt in een vorm die je niet had verwacht). Dat Sagan een wetenschapper was heeft zeker geholpen bij dit verhaal, want ik vermoed dat mede daardoor dit geen standaard “groene mannetjes” sci-fi roman is geworden.

En dan nu de vraag: vind ik de film beter of het boek? Ik heb er lang over nagedacht, maar ik kan niet kiezen! De film greep me meer aan, zeker vanwege Jodie Foster, maar het boek biedt nog zoveel meer verdieping op het verhaal en dat vond ik heel erg interessant. Wat mij betreft “moet” je dus zowel het boek lezen als de film kijken. Daar krijg je echt geen spijt van.

Liefs!
Ash